Afbeelding
.

Op ‘t bankje

30 september 2025 om 18:00 Overig
advertentie

Op de hoek van het bankje zit een jongen wat voor zich uit te staren. Hij kijkt niet op of om als ik aan de andere kant plaatsneem. Ik zeg ook maar niets en pak mijn telefoon om op teletekst te kijken wat er aan nieuws is. Ik zie de jongen opeens opveren als er een jongen met een bal aan komt lopen. ‘Waar was je,’ vraagt hij als hij bij hem op het bankje komt zitten. ‘Ik heb bijna een half uur op je gewacht’. De jongen kijkt wat schuldig en zegt dat zijn oma hem gevraagd had voor haar een paar boodschappen te doen omdat ze zelf naar de tandarts moest. ‘En heb je weer wat gekregen’, vraagt hij. Hij wist kennelijk dat zijn oma hem altijd wat geld geeft voor het boodschappen doen. De jongen begint te glimlachen. ‘Natuurlijk van oma kreeg ik vijf euro, maar ik mocht niks tegen opa zeggen. In de gang gaf opa me tien euro en hij zei dat ik de helft aan Sander moest geven, dus jij krijgt van mij ook vijf euro.’ Sander begint nu ook te stralen. ‘Opa zei ook nog dat ik niks tegen oma mocht zeggen, dat doe ik dus ook niet. Ik zeg ook niks tegen mijn moeder want anders zegt ze tegen haar moeder dat ze het niet moet doen. ‘Goed zo’, zegt z’n vriendje die de vijf euro met een blij gezicht in ontvangst neemt. ‘Kom op Dirk, dan gaan we nu op het veldje een balletje trappen.’ Met een doei naar mij gaan ze er vandoor. Ik heb binnenpretjes om wat ik net gehoord heb en besluit nog even te blijven zitten. Een poosje later komt een vrouw bij me zitten. Ze vertelt dat ze net bij de tandarts is geweest en dat ze nog een beetje last van een verdoving heeft. ‘Ik moet zo nog wel even naar de supermarkt want mijn kleinzoon heeft voor mij een paar boodschappen gedaan, maar het verkeerde pak koffie gekocht. Dat ga ik dus maar even omruilen.’ Het komt me allemaal bekend voor dus zeg ik dat hier pasgeleden een jongen met zijn vriendje Sander zat die vertelde dat hij boodschappen voor zijn oma had gedaan. Ze moet erom lachen. ‘Ja dat zal Dirk geweest zijn. Het is mijn enige kleinzoon die in de buurt woont. Mijn dochter woont hier, maar mijn zoon woont met zijn gezin in Oostenrijk. Die zie ik dus veel minder. Ze vertelt dat ze altijd zegt dat hij het niet tegen zijn opa mag zeggen, maar we weten echt wel van elkaar dat we hem allebei wat toestoppen en we lachen er altijd om en laten hem zo in de waan dat we het stiekem doen. Die jongens spelen in hetzelfde voetbalteam en mijn man staat ze elke zaterdag langs de lijn aan te moedigen. Het houdt hem jong want hij heeft zelf ook tot een jaar of tien geleden gevoetbald. Mijn dochter heeft ook nog een meisje, maar die is pas vier en daar pas ik ook op. Ze zit in groep 1 en het is een lieve meid. Tot een paar jaar geleden past ik ook op Dirk, maar die redt zich nu wel alleen. De vrouw vertelt dat ze altijd als apothekersassistente heeft gewerkt en nu alleen nog een paar dagen vrijwilligerswerk doet. ‘Mijn dochter heeft wel een drukke baan op een notariskantoor in de buurt.’ Ze kijkt op haar horloge en vindt dat het tijd is om te gaan. Met een hartelijke groet stapt ze op en wenst me nog een prettige dag.

Maerten