Afbeelding
.

Column - Op ‘t bankje

8 juli 2025 om 16:00 Column
advertentie

Op het bankje zitten al een man en een vrouw van middelbare leeftijd die aan de tassen die ze voor zich hebben staan zijn wezen shoppen. Het is aangenaam zomerweer met een heerlijke geur van de bloeiende seringenboom die vlakbij het bankje staat. Ze begroeten me vriendelijk als ik erbij kom zitten. Ze vertellen dat ze net uit de stad komen om voor hun dochter die naar Australië gaat nog wat spulletjes te kopen. ‘Ze is met hele mooie cijfers geslaagd voor het gymnasium en we waren heel blij. We zijn de dag dat ze het hoorde uit eten gegaan. We hadden gehoopt en verwacht dat ze nu meteen zou gaan studeren, maar onder het eten vertelde ze dat ze een tussenjaar gaat houden, maar eerst met haar vriendin Eva een half jaar wil gaan backpacken in Australië. Daar schrokken we van want Sylvia is ons enige kind en ze is natuurlijk nogal beschermd opgevoed. We denken dat ze ons het daarom niet eerder heeft willen vertellen. Maar wij weten ook dat als ze iets echt wil het ook gaat gebeuren. We proberen daarom niet zo te laten merken dat we het eigenlijk niet fijn vinden. Dat ze met Eva gaat stelt ons wel een beetje gerust. De ouders van Eva hebben er minder moeite mee, maar ze hebben meerdere kinderen en hebben al eerder met dit bijltje gehakt. Maar ik blijf het vreselijk vinden,’ zegt de vrouw zacht. ‘Maar ja, je wilt je kind ook niet tegenhouden.’ Ik knik begrijpend, op zoek naar een neutrale uitdrukking die zowel steun als empathie uitdrukt, maar vooral geen oordeel. Het echtpaar lijkt echter niet op zoek naar goedkeuring, eerder naar verlichting. Het blijft een tijdje stil. De stilte wordt doorbroken als de man zegt: ‘Ze is zo verstandig en heeft alles goed uitgezocht. Ze heeft nu een baantje om extra geld te sparen. Natuurlijk gaan we haar ook sponsoren.’ De vrouw vertelt dat ze zelf na de middelbare school een jaar au pair in Engeland is geweest bij een familie waar ze nog steeds contact mee heeft. ‘Mijn ouders vonden het destijds misschien ook wel erg dat ik zo ver weg was, maar dat realiseerde ik me niet. Ik schreef af en toe een brief. We hebben gelukkig nu wel een mobiele telefoon en WhatsApp dat het contact wel gemakkelijker maakt, maar wat zal ik haar missen.’ De vrouw legt een hand op de knie van haar man en zegt: ‘Maar af en toe schrik ik midden in de nacht wakker want dan heb ik bijvoorbeeld gedroomd dat ze alleen op een vliegveld in een vreemd land staat en ik niets kan doen.’ Ik hoor in haar stem iets waarin bewondering maar ook paniek doorklinkt. Het is een moeder die haar kind ziet uitvliegen en zich afvraagt of de vleugels wel sterk genoeg zijn. Ik vertel dat veel jonge mensen gaan reizen in hun tussenjaar en hoor daar meestal mooie verhalen over. Maar ik merk meteen dat mijn woorden niet voor geruststelling kunnen zorgen. Ze luisteren beleefd, knikken af en toe, maar hun zorgen waren dieper geworteld dan een algemeen geruststellend praatje kan bereiken. ‘Ik weet dat het goed is en hoe belangrijk het is’, zegt ze even later maar ik zou haar toch wat dichter bij ons in de buurt hebben.’ Uit dat ze vandaag een vrije dag hebben genomen om spulletjes voor de reis van Sylvia te kopen leid ik af dat ze zich in ieder geval al neergelegd bij het feit ze voor langere tijd weggaat. Ik wens ze heel veel sterkte de komende tijd. 

Maerten