
Op ‘t bankje
10 juni 2025 om 14:00 Overigadvertentie
Tegen het eind van mijn dagelijkse wandeling strijk ik neer op het bankje en geniet van het aangename lenteweer. Het is heel stil maar dan is er opeens een stel van middelbare leeftijd dat aan komt lopen en bij mij op het bankje komt zitten. Ze groeten vriendelijk, maar ik voel dat er spanning is want de vrouw kijkt strak voor zich uit en de man zucht hoorbaar. ‘Dus je vindt me gewoon onredelijk hè Frits’, zegt de vrouw opeens tegen de man zonder hem aan te kijken. ‘Dat zeg ik niet, Ireen, ik vind alleen dat een kat niet handig is, met Blinkie in huis.’ Ze schudt haar hoofd. ‘Blinkie is een vogel, Frits en hij zit in een kooi.’ Hij heeft direct een weerwoord. ‘Maar wel een vogel die ook af en toe buiten de kooi komt en door de kamer vliegt, want dat heeft hij nodig. Voor een kat is het een lekker hapje als die hem te pakken krijgt.’ Ik spits mijn oren, want ik denk dat het interessant gaat worden. ‘Maar intussen hebben we wel regelmatig een muis in de woonkamer en die is dol op het vogelvoer dat Blinkie elke dag uit zijn kooi laat vallen. Denk je dat Blinkie die muis kan wegjagen, een kat doet dat wel.’ Frits draait zich half naar mij toe, en wil kennelijk steun van een buitenstaander. ‘Wat vindt u nou’, vraagt hij. ‘Kan dat samen, een kat en een vogel.’ Ik glimlach maar een beetje. ‘Dat hangt van de kat af en van de vogel. Natuurlijk ook van jullie want jullie moeten het oplossen’, zeg ik. De vrouw leidt eruit af dat ik het niets vind en zegt grijnzend: ‘Zie je wel, Frits, het is niet onmogelijk.’ Maar Frits schudt zijn hoofd. ‘Ik ben bang dat die kat achter Blinkie aan gaat. Hij is tam en hij is gewend om op mijn schouder te gaan zitten. Hij weet niks van gevaar.’ Even is het stil. Ireen trapt met de punt van haar schoen een steentje weg, en zegt dan: ‘Ik wil gewoon niet dat er muizen in huis lopen en dat gebeurt mij de laatste tijd maar al te vaak. Trouwens, ik mis een spinnende warme poes. Ik vind Blinkie best lief, maar hij is van jou. Hij praat met je en als hij uit de kooi is komt hij altijd bij je zitten.’ Bijna smekend zegt ze dan: ‘Ik wil ook zelf een huisdier.’ De man kijkt naar haar smekende blik en na enig nadenken verzucht hij: ‘Misschien kunnen we eens in het asiel gaan kijken. Misschien hebben ze daar wel een rustige binnenkat die gewend is aan vogels en niet achter ze aan gaat. Ireen merkt dat haar man gaat toegeven en de komst van een kat dichterbij komt. ‘We zorgen dat Blinkie alleen vliegt als de kat in een andere kamer is. Of we kunnen misschien een afscheiding maken’, stelt de vrouw voor. Nu wil ik ook een steentje voor een oplossing bijdragen en stel een volière voor. ‘Dan heeft de vogel meer ruimte en zit hij veilig.’ Frits knikt en vindt het wel een aardig idee. De vrouw vindt dat ook en dankt mij voor de suggestie maar ik zeg dat ik iemand ben die graag meeluistert en waar mogelijk wil helpen. Als dat bijdraagt aan het oplossen van een probleem is mijn dag weer goed. Het stel groet me en stapt met blije gezichten hand in hand op alsof er nooit een meningsverschil is geweest. Misschien waren ze onderweg al bezig een naam voor de kat te verzinnen.
Maerten













