
Logees en vis blijven drie dagen fris
2 juni 2025 om 18:00 OverigMijn vader zei het vroeger al: ‘Logees en vis blijven drie dagen fris’. Nou, onze logees van dit jaar trokken zich daar weinig van aan. Ze bleven niet drie dagen, maar ruim drie weken.
advertentie
En wat een drukte brachten ze met zich mee!
Ik mijmerde terug naar mijn eerdere column over het ‘lege nest’, toen onze dochters uitvlogen naar hun eigen plekjes. Het was wel even wennen, maar stiekem ook wel fijn: geen zorgen meer over hoe laat ze thuiskwamen (‘s nachts turend op de wekker..) of hoe laat of wat we gingen eten. Gelukkig komen onze jonkies nog regelmatig aanvliegen en koken we dan hun lievelingsmaaltjes.
Maar goed, terug naar onze logees. Onze mezenflat werd ook deze lente opnieuw bewoond.
De bovenverdieping is blijkbaar het populairst, want lager willen ze niet wonen. Toen de eitjes uitkwamen, begon het grote voeren. Ma en pa mees vlogen af en aan, de vluchtroute precies boven mijn hoofd, of beter gezegd: boven mijn ligstoel. Eerst keken ze me nog wat argwanend aan, maar al snel besloten ze dat ik, die luie vrouw achter een boek, totaal geen bedreiging vormde. En onze kat van tien jaar, een echte ‘pussy’? Die keek af en toe nieuwsgierig naar het nest, maar werd al moe bij de gedachte er iets mee te moeten doen. Dus konden de meesouders ongestoord hun hongerige kroost voeden. Het deed me denken aan de tijd dat onze kinderen klein waren: altijd druk, druk, druk, altijd onderweg, altijd grote of kleine zorgen.
De jonge meesjes waren niet bepaald stil. Na elke maaltijd riepen ze luid om meer, meer, meer.
Als ik buiten zat te bellen, vroegen mensen of ik in een volière zat. Een vriendin vroeg zelfs of ik niet even naar binnen kon gaan vanwege al dat gekwetter. Mijn vriendin had ook een nestje – acht pimpelmeesjes! Zij had het geluk hun uitvliegmoment mee te maken.
Ik hoopte stiekem op hetzelfde. Op dag 23 werd het ineens stil. Ze waren uitgevlogen, zonder afscheid. De ouders blijven ze nog een paar weken helpen maar dan moeten ze het zelf doen.
Net als onze kinderen. In mijn werk bij de UU Dynamics of Youth zie ik die vragen ook terug: hoe geef je kinderen en jongeren de ruimte om op te groeien in een wereld die steeds verandert?
Of het nu mensenkinderen of vogeltjes zijn: ze komen overal ter wereld uit hun eitje of zaadje, in welke omstandigheden dan ook en ongeacht in wat voor wereld ze opgroeien.
Misschien is het daarom dat ik me bij de UU Dynamics of Youth zo thuis voel. Ook daar draait het om opgroeien: hoe kinderen en jongeren zich ontwikkelen, hoe we als ouders, opvoeders en samenleving proberen de juiste basis mee te geven – en hoe ingewikkeld dat soms is.
Net als bij de meesjes is er geen handleiding, maar wel een hoop liefde, aandacht en inzet.
“Logees en vis blijven drie dagen fris,” zei mijn vader altijd met een knipoog. Maar sommige logees, zoals onze meesjes – en onze kinderen – blijven wat langer hangen. Misschien is dat wel het mooie van logees die je hart weten te raken: ze blijven bepaald niet fris, ze blijven je wél dierbaar.
Ons rest niets anders dan erop te vertrouwen dat ze gelukkig en gezond mogen opgroeien.
Iris Bleeker-Beers













