Afbeelding
.

Op ‘t bankje

25 augustus 2026 om 18:00 Overig
advertentie

De vrouw die met een verbeten blik bij me op het bankje neerploft straalt een en al boosheid uit. Na een diepe zucht barst ze los. ‘Ik ben me net doodgeschrokken. Steek ik netjes bij een zebrapad over, word ik nog net niet omvergereden door een of andere hufter die blijkbaar erg veel haast had. Ik zag nog dat hij aan het bellen was, dus hij heeft me gewoon niet gezien. Jammer dat er geen politie in de buurt was, want van mij mogen ze zulke lui flink bekeuren.’ Ze schudt het hoofd nog maar eens om haar verontwaardiging nog meer kracht bij te zetten. ‘Van de schrik dacht ik er niet aan om het kenteken op te nemen. Het was een zwarte auto, maar daar kan de politie natuurlijk ook niks mee, want daar zijn er zoveel van.’ Ik laat haar even tot rust komen, maar merk dat het haar nog steeds erg hoog zit. ‘En dan kom ik nota bene net uit het ziekenhuis. Ze hadden me er zo weer heen kunnen brengen.’ Ik dacht dat ze bedoelde dat ze er als patiënt in gelegen had, maar ze was er op bezoek geweest bij een buurvrouw die haar heup had gebroken. ‘Ik heb net wat kleding bij haar gebracht. Het zou toch wel erg geweest zijn als ik door die hufter naast haar in het ziekenhuis was komen te liggen.’ Ze kan er alweer om lachen. De vrouw had de val van haar buurvrouw zien gebeuren. ‘Ik zei nog tegen haar, doe dat gammele trapje nou een keer de deur uit, vandaag of morgen val je eraf. Ik had het nog niet gezegd of daar lag ze, kermend van de pijn. Ik heb meteen de dokter gebeld en die was er gelukkig al gauw. Hij zag direct dat het een gebroken heup was en belde meteen een ambulance. Die kwam vrij snel en toen ben ik met de ambulance meegereden naar het ziekenhuis. Daar duurde het nog een hele tijd voor de röntgenfoto’s gemaakt waren en andere zaken geregeld waren, maar toen ik wegging zeiden ze dat ze de volgende dag al geopereerd ging worden. Dat is vandaag dus gebeurd en daarom ben ik net even bij haar geweest. Ze was nog wat suffig van de operatie, maar ze was blij dat ik er was. Het zal nog wel een tijdje duren voor ze weer helemaal op de been is.’ Ik vertel haar dat ik hetzelfde met een buurvrouw meegemaakt heb die in huis gevallen was. Gelukkig dat ik haar hoorde, want voor hetzelfde geld ligt ze een paar uur pijn te lijden.’ De vrouw kijkt even zwijgend voor zich uit, maar er verschijnt toch weer een glimlach op haar gezicht. ‘Ja, en die buurvrouw is juist zo’n type dat altijd iedereen aan het waarschuwen is. Je moet dit en je moet dat. Mijn man werd er wel eens wat kribbig van en dan zei hij, ik moet niks. Maar het is een schat van een mens, hoor. Ze staat altijd voor je klaar en we zijn eigenlijk meer vrienden dan buren. Het is wel sneu dat het weekje bij haar dochter die in Duitsland woont dat ze gepland hadden niet door kan gaan. De dochter heeft me gebeld om te zeggen dat zij nu hierheen komt.’ Dan kijkt de vrouw op haar horloge en maakt aanstalten om naar huis te gaan. ‘Ja, mijn programma is ook helemaal ontregeld en ik moet nog wat boodschappen doen. Ik kijk in ieder geval heel goed uit als ik bij een zebrapad kom’, zegt ze nu lachend.

Maerten