
Platina huwelijk in De Bilt
27 augustus 2024 om 10:50 MensenDE BILT Een brief van de koning hebben ze (nog) niet gehad, maar het bezoek van loco-burgemeester Pim van de Veerdonk maakt veel goed. Op 18 augustus 1954 gaven Jan en Mien Wever-Schoonheijm elkaar op 19- en 21-jarige leeftijd het ja-woord in het stadhuis van Utrecht. Dit jaar vieren ze dus hun 70-jarig (platina) huwelijksjubileum in gemeente De Bilt, waar ze sinds 1956 wonen.
advertentie
Door Merlyn van Dobben
Van de Veerdonk heeft namens de gemeente een grote bos bloemen en Biltse zonnetjes meegebracht. ‘Een bijzondere prestatie,’ noemt hij het jubileum dat eind augustus pas écht gevierd wordt. Mien: ‘We hebben veertig man uitgenodigd. Net als vijf jaar geleden gaan we weer een feestje bouwen. Alle beentjes van de vloer!’
Ze hebben tot dusver elk jubileum gevierd. Mien: ‘Alleen bij ons 35-jarig huwelijk lukte dat niet. Toen lag ik in het ziekenhuis. Daar heb ik net ook weer twee keer in gelegen. Ik heb een darmverzakking gehad en ben dertien keer in mijn buik geopereerd. Dit speelt al sinds 2009 - ik zal je de details besparen. Maar ik blijf lachen, hoor. Ik kan er niet mee zitten. Je kunt je kop wel in het zand steken, maar daar heb je niks aan. Volgende week heb ik weer een onderzoek in het ziekenhuis en als dan blijkt dat alles goed is, sta ik daarna gewoon op de dansvloer.’
Ik sta straks gewoon weer op de dansvloer
Mien maakt een kranige indruk op haar 89e. Niet kapot te krijgen. ‘Zo ben ik mijn hele leven geweest. Optimistisch. Dóórgaan. Zo ben ik opgevoed. Ik deed en doe alles zelf. Mijn vader was net zo. Die had zoiets van: als je het niet geprobeerd hebt, kun je het niet. Haal het maar uit elkaar en zet het daarna weer in elkaar. Nou, dat deed ik dan, en dan werkte het niet. Zei hij: weet je nu wat je verkeerd hebt gedaan? Haal het maar weer uit elkaar. Kun je het niet meer vergeten. Mijn jeugd was wat dat betreft een harde leerschool, maar ik ben erdoorheen gekomen.’
Jan verscheen al snel in haar leven, want ze woonden bij elkaar in de buurt. Jan: ‘Ik ben geboren in de Van Egmondkade. Mien woonde in de Zaagstraat, en later in de Abrikoosstraat. Allemaal straatjes rondom de Amsterdamse Straatweg.’ Mien: ‘Ik ben aan de Vecht geboren, maar verhuisde al vrij snel naar Utrecht, omdat mijn moeder bang was dat ik het water in zou lopen.’
Samen met haar nicht ging Mien vaak dansen. Mien: ‘Zij kreeg iets met een kameraad van Jan, waar ze later ook mee getrouwd is. Het heeft een poosje geduurd tot de vonk tussen Jan en mij ook oversloeg, maar sindsdien hebben we altijd alles samen gedaan. Waar hij was, was ik ook. In het begin hadden we geen cent te makken. Voor de bruiloft heb ik de jurk moeten huren, en ik heb geld van mijn tante geleend om de trouwfoto’s te kunnen kopen. Een huwelijksreis zat er niet in, maar dat hebben we later goed ingehaald. We zijn jarenlang twee keer per jaar naar Turkije op vakantie geweest.’
Waar hij was, was ik ook
Dat de Wevers een groot doorzettingsvermogen hebben, blijkt ook uit de vele gewonnen bekers die op de slaapkamer staan. Mien: ‘Ik had nog nooit aan sport gedaan. Vroeger mocht dat niet, van mijn vader. Maar op mijn 49e gaf onze oudste dochter ons op voor tennis. Dat ging eerst voor geen meter. Speelde ik de bal naar links, ging ‘ie naar rechts. Maar ik heb stug doorgezet. En toen won Jan de tweede prijs met een toernooi, en het jaar erop won ik de eerste prijs. Ik heb tot mijn 82e getennist, ondanks alles.’














