Logo vierklank.nl
Herman Steendam, Marten Mobach en Dolf Smolenaers luisteren naar de directeur van de Oorlogsgravenstichting.
Herman Steendam, Marten Mobach en Dolf Smolenaers luisteren naar de directeur van de Oorlogsgravenstichting. (Foto: )

‘Vrede is een werkwoord’

Zaterdag 30 april vond de jaarlijkse herdenking van de oorlogsslachtoffers die op Fort De Bilt in de Tweede Wereldoorlog het leven lieten plaats. 

door Henk van de Bunt

Vicevoorzitter van de Stichting Herdenkingsmonument Fort de Bilt Peter-Paul de Winter verzorgde de opening: ‘Normaal gesproken zou voorzitter Herman Steendam (oud-Biltenaar), hier staan en het woord voeren. Herman heeft er echter voor gekozen om ditmaal tussen u plaats te nemen om zo zijn goede vriend Marten Mobach uit De Bilt te vergezellen. De heer Mobach is een ‘meidagen 40’ veteraan, heeft de bezetting meegemaakt en is ternauwernood op 5 mei 1945 nog aan de dood ontsnapt. Alleen dankzij het feit dat de Utrechters hier op de Biltsestraatweg de bevrijders stonden op te wachten is hij niet de laatste geweest die hier op het fort is gefusilleerd. De Duitsers zagen te veel mensen staan en besloten daarom niet af te slaan naar het fort, maar met de heer Mobach door te rijden naar de gevangenis aan het Wolvenplein; Marten Mobach welkom en fijn dat u er op deze voor u zo moeilijke dag weer bij bent’. 

Vrede
De Winter vervolgde: ‘We zijn eindelijk weer met elkaar samen. Het leert ons opnieuw dat niets vanzelfsprekend is of vanzelf gaat. Er moet altijd energie in gestoken worden. Dat vrede niet vanzelfsprekend is, vertelt ons de huidige situatie in Oost-Europa. De oorlog in de Oekraïne leert ons dat het zomaar weer ergens mis kan gaan met alle verschrikkelijke gevolgen van dien. Vrede is daarom geen zelfstandig naamwoord maar een werkwoord! Vrede gaat nooit vanzelf, we zullen er allemaal altijd aan moeten blijven werken. We mogen hier nooit wegkijken of het aan anderen overlaten; integendeel: we dragen er allemaal verantwoordelijkheid voor om die vrede te onderhouden en te voeden met positieve energie. Het zit hem vaak in kleine dingen, elkaar iets gunnen en tevreden zijn met wat je hebt. Vrede is een kostbaar goed dat niet in geld is uit te drukken. Helaas mis je het pas als het er niet meer is’.

Vergeten
Theo Vleugels, directeur van de Oorlogsgravenstichting, hield een toespraak: ‘Wij herdenken opdat wij niet vergeten. Want het verleden gaat niet weg door het te vergeten en is niet over, door er niet over te spreken. Dan blijft men zitten met een onverwerkt verleden, dat men niet onder ogen durft te komen. We herdenken omdat het verleden niet voorbij is en omdat vergeten geen oplossing biedt. Maar als herdenken zich beperkt tot het levend houden van het verleden, terugkijken dus, dan heeft het uiteindelijk geen toekomst. Herdenken moet dus een brug slaan tussen het verleden, het heden en de toekomst.

In Nederland zien wij onszelf bij het herdenken graag als erfgenamen van slachtoffers en helden. Herdenken wordt dan al gauw als eren ervaren; ten onrechte. De Nederlandse werkelijkheid van toen was niet zo eenduidig. En dat beperkt zich ook niet tot de tweede Wereldoorlog. Betoonde moed en geestkracht moeten we met eerbied gedenken; en begane wreedheden met afschuw. Steeds moeten we ons bewust zijn dat wij erfgenaam zijn, zowel van moed en geestkracht, als van het vermogen tot geweld en wreedheid, alsook van de bange onverschilligheid bij onzegbare misdaden’.

Herdenking
De herdenking op Fort de Bilt begon om 19.30 uur met het luiden van de klok. Na de bijdrage van de directeur van de Oorlogsgravenstichting lazen leerlingen van de adoptieschool (Daltonschool Utrecht) enkele zelfgeschreven gedichten voor. Aansluitend waren er twee minuten stilte, gevolgd door twee coupletten van het Wilhelmus. Vervolgens leggen onder andere vertegenwoordigers van de provincie Utrecht en van de gemeenten Utrecht en De Bilt een krans bij het monument. Voor de Provincie was dat lococommissaris (gedeputeerde) Arne Schaddelee, voor de gemeente Utrecht locoburgemeester (wethouder) Eelco Eerenburg en voor De Bilt locoburgemeester (wethouder) Dolf Smolenaers.

Meer berichten