
Faunaschade ruim 5 miljoen
16 juli 2026 om 12:00 OverigDe gans is al jaren de grootste schadeveroorzaker voor de Nederlandse landbouw. De schade loopt jaarlijks op tot tientallen miljoenen euro’s, vooral aan voorjaars- en zomergrasland. In de provincie Utrecht bedroeg het afgelopen jaar 5 miljoen, landelijk werd ruim 92 miljoen uitgekerd.
advertentie
Om een goed beeld te krijgen van het aantal ganzen en hun verspreiding, vindt op zaterdag 18 juli 2026 vanaf 9.00 uur in heel Nederland de jaarlijkse juli-telling van ganzen plaats. Een betrouwbare telling is van groot belang voor toekomstig beleid. Wie ganzenpopulaties goed wil beheren, moet eerst weten hoeveel ganzen er zijn, waar zij zich ophouden en hoe de aantallen zich ontwikkelen. De juli-telling vormt daarom een belangrijke basis voor beleid, monitoring en beheermaatregelen.
Miljoenen euro’s schade
Uit de meest recente cijfers van BIJ12 blijkt dat vooral drie ganzensoorten verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de landbouwschade. De grauwe gans veroorzaakt ruim 46,4 miljoen euro schade, de brandgans 11,4 miljoen euro en de kolgans 6 miljoen euro. Vooral in provincies als Noord-Holland en Friesland is de schade groot.
Grazen op koeienvoer
Die schade ontstaat doordat grote groepen ganzen grazen op graslanden die juist in het voorjaar en de zomer essentieel zijn voor boeren. Het gras is bedoeld als voer voor koeien, maar wordt op grote schaal opgegeten of vervuild door ganzen. Voor boeren betekent dit minder opbrengst, extra kosten en onzekerheid in hun bedrijfsvoering.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen raken bovendien niet alleen de landbouw. Schadevergoedingen aan boeren worden betaald uit publieke middelen. Dat is geld dat ook had kunnen worden ingezet voor andere doelen in het landelijk gebied, zoals natuurherstel, biodiversiteit, weidevogelbescherming of verbetering van leefgebieden. Iedere euro die nodig is om ganzenschade te compenseren, kan niet op een andere plek worden besteed aan versterking van natuur en landschap. Juist daarom is goed onderbouwd ganzenbeheer van belang.
Juli-telling
Tijdens de juli-telling trekken jagers en andere vrijwilligers in het hele land het veld in om ganzen te tellen. Hun inzet is essentieel voor een actueel en realistisch beeld van de situatie. De telling laat zien waar ganzen zich bevinden, hoe groot de groepen zijn en welke soorten aanwezig zijn. Deze gegevens helpen provincies, faunabeheereenheden en andere betrokken partijen bij het maken van beleid.
Stikstof
Ganzen produceren, net als alle andere vogels en zoogdieren, uitwerpselen die stikstof bevatten. Een deel daarvan wordt omgezet in ammoniak (NH3), een reactieve stikstofverbinding die kan neerslaan in natuurgebieden en daar kan leiden tot vermesting en verzuring. Het RIVM heeft berekend dat alle in het wild levende vogels en zoogdieren in Nederland samen ongeveer 1,9 kiloton ammoniak per jaar uitstoten. Dat is ongeveer 1,5% van de totale Nederlandse ammoniakuitstoot. Ganzen vormen slechts een deel van die 1,5%. Hoewel hun bijdrage klein is kunnen ze toch fors wat overlast veroorzaken.
Lokale shit
Binnen de grenzen van de gemeente De Bilt zijn de weilanden in Groenekan en Westbroek met enorme hoeveelheden ganzen een bekend gezicht. De ‘slechts’ 1,5% landelijke ammoniakuitstoot krijg hier een andere lading. Op slaapplaatsen met duizenden ganzen, op graslanden waar ze langdurig verblijven, in of direct naast kwetsbare Natura 2000-gebieden zorgen ze wel degelijk voor verhoogde stikstofbelasting. In de natura 2000-gebieden is het inkrimpen van de populatie een moeizaam proces omdat welke maatregel dan ook weer invloed heeft om de rest van de populatie aldaar.















