
Op ‘t bankje
16 september 2025 om 18:00 Overigadvertentie
Een wat oudere man met naast zich een nog oudere vrouw komen druk met elkaar pratend aanlopen. Hoewel de vrouw achter een rollator loopt, maakt ze zonder moeite met één hand geregeld bewegingen om haar gesprek kracht bij te zetten. Ze ziet er goedverzorgd uit en geniet zichtbaar van de wandeling. Als ze het bankje ziet wil ze toch even gaan zitten. Ze groet vriendelijk. ‘Ik ben met mijn zoon aan het wandelen’, begint ze als ze de juiste zithouding gevonden heeft. ‘Hij is pas met pensioen en heeft nu wat meer tijd voor mij.’ De man zit er wat glimlachend bij te kijken. ‘Ja, mijn moeder wordt binnenkort 95 maar is nog heel goed bij de tijd. Ze loopt wel achter een rollator, maar dat is niet omdat ze slecht ter been is maar meer omdat ze bang is om te vallen. Nadat ze een keer op straat gevallen is werd ze erg voorzichtig. Gelukkig had ze niets gebroken en toen hebben we op aanraden van de dokter een rollator voor haar aangeschaft.’ Hij kijkt glimlachend naar zijn tevreden ogende moeder. ‘Ze voelt zich nog helemaal niet oud en gaat graag met jongere mensen om. Ze is ook geïnteresseerd in nieuwe dingen. Ze heeft al jaren een tablet waar ze goed mee uit de voeten kan en een mobieltje. Ze stuurt ons iedere dag een appje.’ De vrouw hoort het allemaal met een goedkeurende blik aan en zegt: ‘Ik heb tot mijn negentigste autogereden, maar daar ben ik mee gestopt omdat ik het veel te druk op de weg zag worden. Maar ik ben altijd geïnteresseerd geweest in nieuwe dingen hoor. Ik heb op de HBS gezeten en daar leerde je vroeger echt wel wat. Ik kan nog steeds de Duitse naamvalrijtjes opdreunen.’ Haar zoon hoort het allemaal gelaten aan. Hij kent de verhalen inmiddels wel. Als er een andere vrouw met een rollator langsloopt groet ze die hartelijk. Ze komt echter niet bij ons zitten en als ze voorbij is zegt ze: ‘Zij is pas 77, maar heeft al twee keer een heupoperatie gehad. De laatste keer was ze op straat gevallen door een losliggende stoeptegel.’ Ondanks haar leeftijd denkt de vrouw mee aan verbeteringen op dit gebied. ‘Er lopen tegenwoordig zoveel mensen achter een rolls royce, want zo noem ik mijn rollator, dat ze bij de gemeente maar eens moeten nadenken over rollatorpaden zonder oneffenheden. Dat zou ik de gemeente best willen voorstellen, maar of ze naar me luisteren weet ik niet.’ Ik zeg dat er over een half jaar gemeenteraadsverkiezingen zijn en dat je dan alle partijen campagne ziet voeren. ‘Spreek ze daar maar eens over aan.’ Ze kijkt even zwijgend voor zich uit en zegt dan: ‘Dat is best een goed idee, dat ga ik doen.’ Ze vindt dat het weer tijd geworden is om verder te gaan, maar haar zoon wil nog even blijven zitten om een sigaret te roken. ‘Dat roken is helemaal niet goed voor hem en hij is in de familie bijna de enige die nog rookt’, zegt ze, ‘maar ik kan er wel wat van zeggen, naar zijn moeder luistert hij toch niet meer. Ik vind trouwens dat hij het ook zelf moet weten, maar bij mij in huis mag hij niet roken.’ De man lacht. ‘Maar ik kan heel goed zonder hoor.’ De vrouw kan niet nalaten om te zeggen: ‘Doe dat dan ook.’ Hij zegt nog maar een enkel sigaretje per dag te roken. De vrouw gaat er verder niet meer op in. Ze geniet van de stralende najaarszon en tevreden ze vervolgen de wandeling.
Maerten













