
Nationale Tuinvogeltelling 2023
17 januari 2023 om 09:00 Algemeendoor Walter Eijndhoven
advertentie
Vrijdag 27, zaterdag 28 en zondag 29 januari kan iedereen weer meedoen met de jaarlijkse Tuinvogeltelling. Meedoen is niet moeilijk. Gewoon een half uurtje alle vogels tellen in de tuin en doorgeven aan de Vogelbescherming. Overvliegende vogels tellen niet mee. Met alle verzamelde gegevens hoopt Vogelbescherming de vogels nog beter te kunnen beschermen.
Alweer voor de 23e keer organiseren Vogelbescherming Zeist (waaronder De Bilt) en SOVON Vogelonderzoek Nederland de Nationale Tuinvogeltelling. Met alle informatie die ieder jaar weer binnenkomt weten vogelbeschermers precies welke soorten zich waar bevinden, maar ook hoe het gaat met deze vogels en kunnen zij deze beter beschermen.
Wat is nu de bedoeling van het tellen? En kan iedereen dat? De organisatoren van de twee natuurorganisaties vragen iedereen die in het weekend een uurtje over heeft, de vogels in hun tuin te tellen. Dat kan heel eenvoudig, zelfs onder het koffiedrinken kunnen deelnemers de vogels in hun tuin of balkon al tellen. Stuur de resultaten online door naar de Vogelbescherming en klaar is Kees (of wie dan ook). De Vogelbescherming heeft een handige kaart, waarop de meest voorkomende tuinvogels simpel op naam kunnen worden gebracht. Veel van die soorten zijn bij de meeste mensen wel bekend: een koolmees, pimpelmees (met het blauwe petje), merel, spreeuw, vink, huismus, ekster, kraai en kauw. En laten deze vogels nu net op de lijst staan van meest geziene tuinvogels.
Ook scholen kunnen meedoen met de telling. Het lesmateriaal is geschikt voor alle klassen in het basisonderwijs. Vogelbescherming stelt ook lesmateriaal beschikbaar voor pedagogisch medewerkers, activiteitenbegeleiders in zorginstellingen, NME-centra of kinderboerderijen en leerkrachte van de lagere klassen van het middelbaar onderwijs.
Momentopname
Niet alleen de vogelsoorten dienen te worden doorgegeven, maar ook de aantallen. SOVON raadt aan alleen de groep met het grootste aantal door te geven, zodat eventuele dubbeltellingen worden voorkomen. Het doorgeven van vogelsoort en aantal kan via de app “Tuinvogels” of via www.mijntuinvogeltelling.nl. Volgens de website van de Vogelbescherming is de nationale Tuinvogeltelling het grootste citizen science project van Nederland. Deze telling levert een momentopname op van de aantallen vogels die in Nederlandse tuinen aanwezig zijn. Vogelbeschermers combineren deze telling met andere tellingen. Zo zien zij hoe tuinvogels zich ontwikkelen en kunnen zij vogels beter helpen en beschermen.
Vorig jaar telden 170.000 mensen de vogels in hun tuin. In 2022 was meer aandacht voor de merel. De laatste jaren nam het aantal merels steeds verder af. Gelukkig telden de deelnemers vorig jaar weer meer merels. Benieuwd naar dit jaar? Houd de tellingen bij via de website van de Vogelbescherming. In gemeente De Bilt telden vorig jaar 707 deelnemers 11.431 vogels in hun tuin. Echt veel verschil was er niet met de landelijke telling. Ook in De Bilt eindigde de huismus op de eerste plaats (met 1.629 exemplaren), gevolgd door de koolmees (1.564 exemplaren), pimpelmees (1.170), merel (1.031), kauw (888), vink (832), houtduif (768), roodborst (574), ekster (499) en heggenmus met 420 exemplaren.
Voor meer informatie: www.vogelbescherming.nl .










