Eduard Veterman met nog enkele anderen in de poort van Lüttringhausen. (uit Collectie Verzetsmuseum Amsterdam)
Eduard Veterman met nog enkele anderen in de poort van Lüttringhausen. (uit Collectie Verzetsmuseum Amsterdam)

Het tuchthuis van Lüttringhausen tijdens de Tweede Wereldoorlog

5 mei 2023 om 10:00 Algemeen

- deel 2 -

advertentie

Diverse verzetsstrijders uit Bilthoven en De Bilt zijn in concentratiekampen terecht gekomen. Tenminste drie van hen hadden een connectie met Bilthoven/De Bilt: Walter Kooy, KMA-kadet; Eduard Veterman, een joodse (toneel)schrijver en -criticus; en Meindert Brouwer, huisarts in Bilthoven. Aan de hand van hun ervaringen schetst Bernard Schut (in een driedelig artikel) een beeld van leven en lot van de politieke gevangenen in Lüttringhausen tijdens de Tweede Wereldoorlog. 

In een plaatselijk fotoboek wordt Lüttringhausen ‘die grüne Oase’ genoemd. Het aldaar al sinds 1906 bestaande tuchthuis wordt niet vermeld. Voor de politieke gevangenen die hier tijdens de oorlog gevangen zaten, was het in ieder geval allesbehalve een paradijselijk verblijf. En wellicht nog steeds niet. Anno 2022 bestaat de strafgevangenis, thans Justizvollzugsanstalt Remscheid, nog steeds.

Walter Kooy
Veterman en Brouwer hebben veel korter in Lüttringhausen gevangen gezeten en minder geleden dan Walter Kooy,die er ruim drie jaar verbleef: van 18 mei 1941 tot 20 juni 1944. Een maand langer dan waartoe hij was veroordeeld. Wat waren zijn ervaringen? Op de vraag: Hoe ben je tijdens je gevangenschap behandeld? antwoordt hij later: Nooit geslagen. Correct, doch minderwaardig. Onnoemelijk kou geleden 60 pond afgevallen, en hij laat o.a. onvermeld hoe hij gestraft werd met 14 dagen Bunkerarrest mit Kostentzug, eenzame opsluiting in een kooi zonder voedsel. Hij at insecten wanneer die door de kooi liepen, sliep op de grond zonder deken.

Zelf heeft hij zijn ervaringen niet op schrift gesteld. Wel is de correspondentie bewaard gebleven met zijn vriendin en latere vrouw Jansje (Jacky) Noordanus. D.w.z. zijn brieven aan haar. Gevangenen mochten alle 4 weken één privébrief schrijven en één ontvangen. Helaas geven zijn brieven geen realistisch beeld van zijn verblijf in Lüttringhausen Eerder het tegendeel. Brieven moesten immers de censuur te passeren. Daarom lezen we: We maken het hier nog altijd puik en Gesund wie ein Fisch. Daarnaast over het werk dat de gevangenen moesten doen in de leerindustrie. En hoe hij kans ziet een kristalontvanger in elkaar te knutselen waardoor hij nieuws kan ontvangen, in het bijzonder Radio Oranje. Wat in het algemeen opvalt, is de nadruk op voeding, gezondheid en gewicht, het gaat hem goed is de teneur, hij wil het overleven. En ook de geruststellende, herhaalde opmerking dat hij ondanks de enorme tijd dat hij gevangen moet zitten, uitziet naar zijn invrijheidstelling. Hij telt af. En dan op 20 juni 44 wordt hij vrijgelaten. Zijn drie jaar zaten erop. Met 191,23 marken Arbeitsbelohnung. Genoeg voor een enkeltje Bilthoven.

Veterman
Lüttringhausen, in een heerlijk landschap boven op een heuveltop gelegen, ontving ons verrassend vriendelijk, schrijft Veterman in Keizersgracht 763, waarin hij zijn oorlogsherinneringen noteerde. Hij arriveerde er in het najaar van 1944, met hetzelfde transport als Meindert Brouwer, de huisarts uit Bilthoven. Walter Kooy was toen al enige maanden vertrokken. De opmerking van Veterman, Lüttringhausen ontving ons verrassend vriendelijk, is ook zelf verrassend. In de Duitse praktijk bleek er vaak weinig verschil tussen een tuchthuis en een concentratiekamp, al was je in het eerste geval niet bij voorbaat ten dode opgeschreven. Veterman voegt er aan toe: Maar inderdaad: men heeft ons, zover dat ging, in Lüttringhausen met zachtheid behandeld. We verhongerden, dat is waar. De wachtmeesters stalen ons eten en onze sigaretten, dat is waar. We verkleumden in de onverwarmde cellen. De medische behandeling was een persiflage. Maar dit alles viel nog niet te vergelijken met de bejegening die men in andere gevangenissen ondervond. Veterman werd aan het werk gesteld. Hij moest riempjes maken, bestemd voor de leerindustrie. Een monotoon bestaan. Dus ging de trukendoos open, waardoor hij kans zag in het hospitaal te werk gesteld te worden. En daar ontmoette hij Brouwer weer -die door middel van een even kritieke maagzweer kans had gezien daar ook terecht te komen- en Jan Kassies, uit de kring van Vrij Nederland. Er was daar zelfs een radio. Maar verder was er gebrek aan alles. Aan voedsel. Aan geneesmiddelen. Om wonden te verbinden werd closetpapier gebruikt. Patiënten stierven van uitputting.

Bevrijding
De bevrijding naderde. Maar toen dreigde een nieuw gevaar. De Gestapo eiste de politieke gevangenen op en dreigde deze te liquideren. Op hetzelfde moment kreeg Jan Kassies te horen dat hij gratie kreeg en zich moest abmelden in het nabijgelegen Remscheid. En dat terwijl de geallieerden naderden en de geluiden van het front al hoorbaar waren. De gevangenisdirecteur echter saboteerde de eisen van de Gestapo om de politieke gevangenen uit te leveren. En het lukte Jan Kassies de geallieerden te alarmeren. Op 15 april namen de Amerikanen het kamp in en werden de gevangenen gered. Vrij snel na de overname van de macht door de Amerikanen delegeerden zij deze aan Veterman en de zijnen. En zo werd Prof. dr. Ed Necker president van het comité van politieke gevangenen in de A-vleugel. En dat betekende o.a. de zorg voor de repatriëring van alle politieke gevangenen, waaronder ook de screening van hun politieke verleden. Enige ondersteuning vanuit Nederland werd niet geboden, een vaker gehoord verwijt. Als laatste Nederlanders bleven Veterman met enkele andere getrouwen van het eerste uur achter. Brouwer was met de zware zieken (veel tbc) mee in de ambulance. En toen uiteindelijk konden ook zij terug naar Nederland. Daarover later.

Brouwer
Zo kwam dus ook Brouwer met hetzelfde transport als Veterman in Lüttringhausen aan. Ook hij vond de behandeling daar naar verhouding humaner. Zo mocht hij bijvoorbeeld zijn eigen kleding aanhouden in plaats van de bekende gestreepte gevangeniskledij. Een gebaar dat misschien minder belangrijk lijkt maar veel verraadt. Wel was ook daar het eten slecht en werd naar het einde van de oorlog toe steeds slechter. Er heerste tbc en door de gebrekkige voeding hongeroedeem. Ook Brouwer zag kans in het ziekenhuis te komen, waar de medische situatie dramatisch bleek, en beleefde daar de bevrijding mee door de Amerikanen. Ook Brouwer vertelt in Den Vaderland Getrouwe van de hectiek voor de bevrijding, wanneer de Gestapo jaagt op politieke gevangenen, de gevangenen zich voorbereiden op een dan noodzakelijk verzet. Opmerkelijk detail, de gevangenen beschikten inmiddels over revolvers en celsleutels. Maar tenslotte volgt dan toch de bevrijding door de Amerikanen. Drie weken later verlaat Brouwer de gevangenis als begeleider van een transport ernstig zieke patiënten.         (Bernard Schut)

(Deel 1 gemist, kijk op www.vierklank.nl)

Huisarts Brouwer in april 1964 tijdens het huwelijk van de ouders van Ellen van Thiel - Brouwer uit Bilthoven: ‘De vrouw die er naast loopt is niet zijn vrouw maar de moeder van mijn moeder’.