Eduard en Katy Veterman zijn begraven in Bilthoven.
Eduard en Katy Veterman zijn begraven in Bilthoven. Foto: [foto Henk van de Bunt]

Het tuchthuis van Lüttringhausen tijdens de Tweede Wereldoorlog

11 mei 2023 om 15:00 Algemeen

-Deel 3-

advertentie

Diverse verzetsstrijders uit Bilthoven en De Bilt zijn in concentratiekampen terecht gekomen. Tenminste drie van hen hadden een connectie met Bilthoven/De Bilt: Walter Kooy, KMA-kadet; Eduard Veterman, een joodse (toneel)schrijver en -criticus; en Meindert Brouwer, huisarts in Bilthoven. Aan de hand van hun ervaringen schetst Bernard Schut (in een driedelig artikel) een beeld van leven en lot van de politieke gevangenen in Lüttringhausen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De eerste jaren van de oorlog was de deelname aan actief verzet in Nederland nog kleinschalig. Pas na Dolle Dinsdag, 6 september 1944, veranderde dat en vertienvoudigde hun aantal; Septembervliegen werden ze ook wel spottend genoemd. Brouwer, Veterman en Kooy behoorden tot de eersten. In dit laatste deel komt de terugkeer naar Nederland van deze drie mannen aan bod.

Kooy
Van het drietal keerde dus Walter Kooy als eerste terug in Nederland. Juni 44 werd hij ontslagen. Zijn vriendin noteert later in haar fragmentarisch vastgelegde herinneringen hoe ze hem terugziet na zijn drie maanden tuchthuis: Aan de andere kant van de spoorbomen stond Walter. Ik zag hem niet, hij zag mij wel. Hij was niet via Utrecht maar via het zuiden het land binnengekomen. De spoorbomen gingen open en ik liep naar de overkant en plotseling stond Walter voor me. In plaats van hem om de hals te vliegen, zei ik: Hallo! Ik was er beduusd van. Hij zag er ook anders uit, heel mager met een dik gezicht en oedeem. Walter knokte zich door de fysieke ellende heen en weer op kracht gekomen sloot hij zich aan bij de BS (Binnenlandse Strijdkrachten) in Bilthoven, waar hij pelotonscommandant onder Hans Hellendoorn was. Er viel nog een rekening met de Duitsers te vereffenen. Een voorval uit die periode is bijvoorbeeld de arrestatie van een SS-arts op de Paltzerweg in Bilthoven, die uitliep op een schietpartij, waarbij de man van zijn motor werd geschoten. We beschikken over het verslag van zijn vriendin, koerierster in dezelfde knokploeg: Een arts, ik kende hem nog van voor de oorlog van de sport, had als SS-arts voor de Duitsers gewerkt en heel nare dingen gedaan. Nu de oorlog voorbij was, werd de grond hem te heet onder de voeten. Hij reed op zijn motorfiets nog even naar zijn ouderlijk huis om kleren of wat dan ook te halen voor hij vertrok. Ik zag zijn motorfiets voor het huis staan en waarschuwde de verzetsmensen die oorlogsmisdadigers oppakten om deze te laten berechten. Ik liep naar het huis om de motorfiets onklaar te maken, toen hij met nog iemand alweer naar buiten kwam. Walter sommeerde hen om zich over te geven, maar zij begonnen gericht op ons te schieten. Ik weet nog dat ik weg dook achter een stenen paaltje. Er moest terug geschoten worden, anders waren wij er niet meer geweest. Eén of meer van de leden van onze groep schoten terug. De arts is overleden. Als ze zich hadden laten arresteren waren zij berecht en na een jaar gevangenisstraf hoogstwaarschijnlijk alweer vrijgelaten. Maar ik vond het afschuwelijk om dit te zien gebeuren! Ik zie het nog voor me. Na de oorlog vertrok Walter Kooy naar Indië en kwam opnieuw in een oorlog terecht. Over wat hij tijdens de oorlog had meegemaakt sprak hij liever niet. Wel heeft hij later gesprekken gevoerd met Bastiaans, een bekende psychiater uit Oegstgeest. Helemaal hersteld van zijn ervaringen tijdens de oorlog is hij nooit meer. Hij overleed in 1995 na een bewogen leven.

Brouwer
Precies op 5 mei 1945 stak Brouwer met zijn konvooi bij Roermond de grens over, na een tocht door de verwoeste Duitse steden: Wuppertal was plat; Düsseldorf bestond niet meer en de eerste vernielingen , die wij in Nederland aanschouwden, konden nauwelijks indruk meer maken. (...) Wij zijn terug in eigen omgeving. Voor een groot gedeelte ziek en uitgeput, maar vol moed om een nieuw leven te beginnen en zoo gauw als mogelijk mede te helpen aan den opbouw van ons eigen land. En hij besluit zijn boek met: Maar wij hopen van harte, dat zij, die de mogelijkheid daarvoor met zich mede dragen, ook het voorbeeld zullen geven en meteen beginnen zullen hard te werken op de plaats, waar zij gesteld zijn. Heel hard werken. Gezamenlijk, zonder kankeren. Oudhollands degelijk. Voor herrijzend Nederland. Vergis ik mij, of spreekt daar ook enige twijfel uit?
Terug in Bilthoven trouwde hij met de weduwe van zijn door de Duitsers gedode vriend George van Medenbach de Rooij, dezelfde aan wie hij zijn boek opdroeg, en nam hij zijn huisartsenpraktijk weer op. Even nam hij nog deel aan de plaatselijke politiek, later nam zijn leven een andere wending. Als de informatie in ... alias Teixeira van A.V.F. van der Gouw juist is, raakte hij betrokken bij de productie van medicijnen door Enzypharm, waarvan ex-NSBer Van Leeuwen eigenaar-directeur was. Een niet geheel doorzichtige zaak.

Veterman
Tenslotte konden ook Veterman terug naar Nederland. Aanvankelijk reden ze door het door bombardementen verwoeste Duitsland. Het maakte een diepe indruk op Veterman: We hebben later Venlo gezien en Arnhem. Maar niets laat zich vergelijken met de ruïnenwereld tussen Ruhr en Wuppertal. Brede boulevards zijn tot smalle paadjes geworden, kronkelend tussen bergen van puin. Hele straten zijn (...) naar beneden gerukt. Hier en daar staat een enkel huis, verwonderd en beschaamd om zijn behoud. Tegen vier uur passeerden we de Hollandse grens. Vijf minuten over vieren hadden we een lekke band. Kwart over vieren was een tas uit onze wagen gestolen. Vijf uur hadden we ruzie met een ambtenaar van de repatriëringsdienst. Méér dan overtuigend bewijs van onze terugkeer op vaderlandse bodem was geleverd. Veterman was terug in Nederland. Boordevol ideeën en al spoedig boordevol kritiek. Niet voor niets heet het voorlaatste hoofdstuk van Keizersgracht 763De rekening’. Niet alleen de rekening voor zijn leeggeplunderd huis. Ook de rekening die hij presenteerde aan de reactionaire krachten in Nederland die de situatie van voor de oorlog wensten te herstellen, inclusief hun eigen posities. Veterman bediende zich daarbij van het wapen dat hij het beste kon bedienen, zijn pen. Hij schreef. Zijn toneelstuk Oranje Hotel wordt in 6 maanden 150 keer opgevoerd. Hij leert Prins Bernhard kennen, die hem persoonlijk de opdracht geeft om een boek te schrijven over de Binnenlandse Strijdkrachten, de BS. Maar dan gaat het fout. Veterman vertelt rond dat hij een boekje open zal doen. Ik ga die hele rotreut in Londen, die feestvierende aristocratie, die dronken adel daar aanpakken. En: Dat in Londen, dat waren whiskey-drinkende nietsnutten. De prins trekt zijn opdracht haastig in. Maar Veterman is niet meer te stuiten. Hij besluit zijn boek toch te schrijven. Balans der misère zal het heten. Wordt het hem fataal? Op de avond van 28 juni 1946 wordt zijn auto geschept door een 2-tonner van de Aan- en afvoertroepen. Zijn zwangere vrouw is direct dood. Eduard Veterman overlijdt diezelfde nacht in het ziekenhuis van Laren. Het is dokter Brouwer die de volgende morgen in Wagnerlaan 24 hun dochter moet vertellen dat haar ouders er niet meer zijn. Een ongeluk? Natuurlijk zijn er geruchten en rijst er twijfel. Veterman is niet de enige kritische verzetsman die een ongeluk krijgt in deze instabiele eerste jaren na de bevrijding. Een serieus onderzoek naar de oorzaak van de dood van Veterman is nooit gedaan. Van het manuscript van zijn boek is nooit meer een spoor gevonden. De lichamen van Eduard en Katy Veterman worden opgebaard in de aula van de Stadsschouwburg van Amsterdam, daarna begraven in Bilthoven. 


Een (zelf-)tekening van dramaturg Veterman.  - (Foto Collectie Verzetsmuseum Amsterdam)


Huisarts Meindert Brouwer moest op 29 juni 1946 in Wagnerlaan 24 in Bilthoven Etty Saromina Louise Veterman (1937-2019) vertellen dat haar ouders waren verongelukt. - foto Henk van de Bunt

Een (zelf-)tekening van dramaturg Veterman.
Huisarts Meindert Brouwer moest op 29 juni 1946 in Wagnerlaan 24 in Bilthoven Etty Saromina Louise Veterman (1937-2019) vertellen dat haar ouders waren verongelukt.