
Ode aan de leeuwerik
4 mei 2026 om 18:00 OverigIn alle vroegte zingt de polder z’n zwoele lentelied. Geel raapzaad markeert de paden, ragfijn wit wiegt het fluitenkruid in de wind, zaadpluizen waaien los van de paardenbloemstengels. Terwijl de madeliefjes nog zijn gesloten, opent vogelzang onze oren.
advertentie
Je hoort ‘m wel, maar je ziet ‘m niet. Z’n nestje laag bij de grond brengt hem tot op grote hoogte. Soms meer dan honderd meter hoog zingt hij het hoogste lied. Generaties lang was de veldleeuwerik met z’n jubelende zang het symbool voor het platteland.
Maar sinds 1960 zijn de populaties gekelderd. De akkers werden groter, intensiever geploegd en gemaaid, hagen verdwenen. Geschikte rust- en broedplaatsen werden schaarser. Daarenboven leidde een toenemend pesticidegebruik tot een sterke afname van insecten. Minder insecten betekent minder voedsel voor volwassen vogels en hun jongen! Een treurig verhaal.
Verrassend was het om de leeuwerik onlangs toch weer te horen boven de polder. De intense vreugdezang van een artiest op het hoogste niveau. Klein stipje aan de hemel, meester van de melodie. Ademloos luistert zijn publiek beneden.
In haiku:
Kleine leeuwerik
Meester van de melodie
Op grote hoogte
(Karien Scholten)







