
De erfenis van onze ziel: ‘We hebben nog zoveel te bespreken’
3 juli 2024 om 10:15 EvenementenBILTHOVEN Komende zondag is de 2e editie van ‘The legacy of our soul’. Een evenement dat de Indische cultuur viert met muziek, verhalen en Indische catering. In gesprek met organisator Vera de Vries van het Bilthovense koor Lagu Jiwa.
advertentie
Door Julie Houben
Geen idee
De 250 plekken in het HF Wittecentrum waren in no time gereserveerd. ‘We bieden kennelijk een aansprekend programma’, aldus Vera (69) die zelf met haar koor een aantal liederen zingt. Naast ruimte voor muziek nodigt de middag ook nadrukkelijk uit om met elkaar in gesprek te gaan. Verhalen te delen, want die zijn er. Maar tot nu toe bleven de vaak indrukwekkende verhalen verborgen bij degenen die ze meemaakten. Vera: ‘De Indische Nederlanders kwamen hier net na de oorlog en pasten zich geruisloos aan. Hier was de oorlog veel erger geweest, was de teneur. Men had geen idee van de wreedheden die Indische Nederlanders hadden meegemaakt. Eerst door de Japanse bezetter, daarna door de Indonesiërs én de Nederlanders tijdens de politionele acties. Maar het begint te veranderen. Er is meer oog voor de pijnlijke rol van Nederland in Indonesië. Ook de ‘ingebakken haat’ tussen de Indische Nederlanders en Indonesiërs verdwijnt langzaam. Wij hebben nu ook Indonesiërs in ons koor. Terwijl ik nog ben opgevoed met het idee dat Indonesiërs fout zijn. Zij hebben ons tijdens de Bersiap verjaagd en vermoord.’
Buitenkampers
Vera is de kleindochter van een ‘buitenkamper’. Haar oma belandde niet in een Jappenkamp omdat ze net genoeg Indonesisch was. Tijdens de bezetting was dat beter dan een kamp, maar na de capitulatie van de Japanners waren de buitenkampers het mikpunt van de Indonesische onafhankelijkheidsstrijders. ‘Mijn oma moest in haar eentje zes kinderen door deze gruwelijke tijd heen loodsen. Dat is haar wonderwel gelukt. Haar dochter, mijn moeder, werd na de oorlog verliefd op een dienstplichtig Nederlandse militair, die als telegrafist werkte tijdens de politionele acties. Ook zij besloot Indonesië te verlaten. Als 17-jarig meisje kwam ze met een foto van haar toekomstige schoonouders naar Nederland. Ze werd liefdevol opgevangen door hen. Nadat mijn vader enige tijd later ook overkwam, woonden ze met drie kinderen op een kleine bovenwoning. Mijn vader was als journalist altijd aan het werk. Mijn moeder moet enorm eenzaam geweest zijn.’
Als bamboe
‘Over het verleden spraken mijn ouders eigenlijk nooit. Het was te pijnlijk voor beiden. Ik weet nu dat mijn moeder echt dingen gezien heeft die je niet wil zien, zoals de moord op de baby van de buren. Ik zie achteraf hoe ze daarmee probeerde te dealen. Ze knuffelde ons bijvoorbeeld nauwelijks, vanuit een diepe angst om ons te verliezen. Maar ze was zo sterk en ze wilde ons ook weerbaar maken tegen de harde wereld. ‘Wees als bamboe, sterk en veerkrachtig’, was haar motto.’
Dit verhaal en de vele andere verhalen, ze moeten verteld worden. Daarin zit de erfenis van de Indische ziel, aldus Vera.








