
‘Ik voel de ziel…’
29 februari 2024 om 11:00 Algemeen‘Ik kan niet meer, ik zal niet eeuwig leven…’. Zo schreeuwt de wanhopige Job het uit naar zijn Heer, en zo dramatisch toonzette Christóbal de Morales dat prachtige Bijbelvers 7 in het begin van de 16e eeuw: de meeste akkoorden met slechts kale, lege kwinten en octaven, ten teken van totale vereenzaming, met alleen in het slotakkoord, heel verrassend, de hoopvolle grote terts, hoewel in de ‘verkeerde’ toonsoort. Maar zo harmonisch dacht men toen nog niet: het was nog zoeken naar harmonieën in die mysterieuze Renaissance, waaruit het Schütz Projectkoor Bilthoven afgelopen zondagmiddag in een volle Oosterlichtkerk enkele hoogtepunten vertolkte, waaronder Gabrieli’s ‘Magnificat’ (de tekst die de zwangere Maria aan haar nicht Elisabeth uitsprak) en De Victoria’s ‘Ave Regina’ (een van de vijf Maria-antifonen).
advertentie
Muzikaal hoogtepunt was het ‘O vos omnes’ uit 1611 van Carlo Gesualdo, die ook bekend is omdat hij in blinde woede zijn vrouw en haar minnaar vermoordde, die hij ‘In flagrante delicto’ aantrof. Een duistere, dolende ziel (zeker na de dood van zijn enige zoon), hetgeen ook in de vele dissonanten in zijn muziek tot uitdrukking komt: schurende tonen, die, zeker in die tijd, soms pijn aan de oren doen, maar altijd in weldadige akkoorden oplossen. Een lastig stuk, dat soms maar nét goed ging bij het Schütz Projectkoor Bilthoven, dat voor het overige behoorlijk zuiver en zeer gelijk zong, ondersteund door 3 trombones en zelfs een zink, de houten, gekromde voorloper van de trompet.
Dirigente Hester Steensma-Westra, die de vaste dirigent verving wegens ziekte, leidde het koor helder en uitnodigend, liet de 28 zangers heerlijk muzikaal ademen en gaf met haar loepzuivere sopraan de beginnoten steeds prachtig aan. Hoewel het koor aanvankelijk soms wat aarzelend was in de klankvorming, vulde het de kerk al beter in bijvoorbeeld Victoria’s ‘Ave Regina’, dat voluit en expressief gezongen werd. Een knappe prestatie van dit amateurkoor, dat de renaissancewerken steeds afwisselde door hedendaagse muziek, zoals Barber en Pärt: je moet ervan houden, maar het programma, dat ‘Io sento l’anima’ (‘Ik voel de ziel’) heette, had daardoor een kwaliteit, originaliteit en ook dat verdient een groot compliment. (Peter Schlamilch)













