Huwelijk Walter Kooy, 1945 in Bilthoven, met erehaag van KP- peloton.
Huwelijk Walter Kooy, 1945 in Bilthoven, met erehaag van KP- peloton.

Het tuchthuis van Lüttringhausen tijdens de Tweede Wereldoorlog

27 april 2023 om 13:00 Algemeen

Diverse verzetsstrijders uit Bilthoven en De Bilt zijn in concentratiekampen terecht gekomen. Tenminste drie van hen hadden een connectie met Bilthoven/De Bilt: Walter Kooy, KMA-kadet; Eduard Veterman, een joodse (toneel)schrijver en -criticus; en Meindert Brouwer, huisarts in Bilthoven. Aan de hand van hun ervaringen schets Bernard Schut (in een driedelig artikel) een beeld van leven en lot van de politieke gevangenen in Lüttringhausen tijdens de Tweede Wereldoorlog. 

advertentie

Maar zo was er ook Pim Boellaard in Natzweiler, het Nacht und Nebel kamp bij Straatsburg in de Franse Elzas, een kamp waarin je nagenoeg letterlijk verdween van de aardbodem. Een strafgevangenis met een relatief milder regiem was het tuchthuis in Lüttringhausen, een honderd kilometer ten oosten van Venlo gelegen. Het bestaat nog steeds. Over het aantal politieke gevangenen daar tijdens de oorlog bestaan verschillende schattingen. Er waren tenminste drie categorieën gevangenen: criminelen, politieke gevangenen en communisten, die in feite een aparte categorie vormden. Gedurende de Tweede Wereldoorlog zouden er zo’n 1000 buitenlandse gevangenen hebben gezeten, waaronder ook honderden Nederlandse. 

Op weg naar Lüttringhausen
De weg naar Lüttringhausen van de drie genoemde verzetsstrijders verliep op een aantal punten gelijk: alle drie werden verraden, kwamen terecht in het Oranjehotel, de cellenbarak en strafgevangenis in Scheveningen en werden vervolgens veroordeeld, zowel Walter Kooy, Veterman als Brouwer in de Wehrmachtgevangenis van Utrecht in de Gansstraat. Maar daarnaast zijn er grote verschillen.

Walter Kooy
Walter (1918-1995) was uit Nederlands-Indië naar Nederland gekomen, naar de KMA (Koninklijke Militaire Academie) met de bedoeling om na zijn opleiding terug te keren naar Indië, waar zijn vader KNIL-officier was. Het uitbreken van de oorlog bracht verandering in dit plan. Eerst sloot hij zich aan bij het verzet, maar in 41 besloot hij met een vriend de oversteek naar Engeland te maken. Hun bootje kreeg pech en de wind dreef hen terug naar de kust. Ze vertrokken van het strand van Scheveningen en spoelden weer aan land bij Haamstede op Schouwen-Duiveland, waar de Duitsers weinig moeite hadden om hen in te rekenen. De volgende etappe werd het Oranjehotel in Scheveningen, waar hij in een overvolle cel werd opgesloten. Een paar maanden later, op 18-5-41, in Utrecht volgde daar de veroordeling: 3 jaar Lüttringhausen. Via Kleef bereikte hij het tuchthuis, de strafgevangenis aldaar.

Eduard Veterman
Het leven van Eduard (1901-1946) verliep anders. Voor de oorlog had hij zijn plaats veroverd in de toneelwereld als schrijver, regisseur en criticus. Enige jaren voor de oorlog was hij in Zuid-Frankrijk gaan wonen, maar hij keerde kort voor het uitbreken daarvan terug naar Nederland. In Amsterdam nam hij actief deel aan het verzet. Als meestervervalser. Met de nadruk op meester. Honderden documenten, paspoorten, persoonsbewijzen, wat nodig was om uit de handen van de Duitsers te blijven. Ook zijn eigen identiteitsbewijs. Veterman was joods, maar noemde zich Eduard Necker Veterman, telg uit een Frans adellijk geslacht. Een naam die hij ook na de oorlog bleef gebruiken. Geen Duitser die de vervalsing ooit heeft ontdekt. Wel ging op een gegeven moment de waarschuwing rond dat er vervalste documenten in omloop waren die niet van echte te onderscheiden waren.

Maar uiteindelijk - oktober 43 - werd ook Veterman als zovelen in het verzet, het slachtoffer van verraad en kwam in het Oranjehotel terecht, de strafgevangenis in Scheveningen. Cel 470. Hij had geluk. Vanuit Scheveningen werd hij in afwachting van rechtspraak en vonnis overgebracht naar Haren bij Vught. En daar had hij tot de lente van 44 een relatief aangenaam verblijf. Veterman kon goed tekenen, wat hem natuurlijk bij het vervalsen goed van pas was gekomen. Maar hier in Vught maakt hij zich verdienstelijk door portretten van bewakers te tekenen. En dat verschafte hem een ongekende vrijheid. Als er iets fout dreigde te gaan, kon hij nog altijd gebruik maken van zijn tot in de perfectie uitgevoerde toneeltruc om flauw te vallen, die al bij zijn arrestatie van onschatbare waarde was gebleken. Aan deze relatief onbezorgde tijd -hij wist dat hij nog voor de krijgsraad moest verschijnen- kwam een einde. ‘Paradijzen zijn er alleen om verlaten te worden’, schrijft hij, Hij werd op transport naar Utrecht gesteld, en daar in de gevangenis aan de Gansstraat vond het (schijn)proces plaats. Het vonnis op 4 juli 1944 luidde: Zum Tode verurteilt, ter dood veroordeeld. In de Gansstraat zat ook dr. Brouwer, die hij al uit Scheveningen kende: ...verderop zit een dokter. Op Zaterdagavond zingt- ie altijd een paar liederen. Daar luisteren we allemaal naar (...) In de verte begint een mannenstem te zingen (...) Hoor daar heb je de dokter...
Wanneer zou de doodstraf voltrokken worden? Voorlopig niet, want Veterman werd opnieuw op transport gesteld, deze keer naar Duitsland. Voor Meindert Brouwer gold hetzelfde. En zo kwamen beiden via een oponthoud in Anrath bij Krefeld aan te Lüttringhausen. 

Meindert Brouwer
Hoe kwam Meindert (1907-1981) daar uiteindelijk terecht? Brouwer woonde in Bilthoven. Daar sloot hij zich aan bij het verzet. Zijn huisartsenbestaan verleende hem ongekende vrijheid: een huisarts kan immers onbeperkt visites afleggen en mensen ontvangen. Een van de regelmatige bezoekers van zijn spreekuur was Hans Hellendoorn die hem van meteorologische informatie voorzag, zo belangrijk voor de Royal Air Force. Brouwer beschikte over een zender.
In Den Vaderland Getrouwe (1947; geïllustreerd met schetsen van Eduard Veterman!) beschrijft hij zijn oorlogservaringen: over de situatie in Bezet Nederland, het optreden van de SS en het verzet daartegen, in het laatste deel van het boek zijn persoonlijke geschiedenis. Hij droeg zijn boek op aan mijn vriend George van Medenbach de Rooy, die in de maand Mei van 1942 door de Gestapo met zoovele anderen werd vermoord.

Ook Brouwer werd het slachtoffer van verraad, zoals zovelen tijdens de oorlog en volgde dezelfde route als Veterman. Acht maanden Oranjehotel in Scheveningen, met de verhoren op het Binnenhof. in het begin van zijn boek beschrijft Brouwer een cel: Een cel, een kamertje van twee bij drie meter, een krib met een stromatras, een soort tafeltje tegen den muur vastgemaakt, een krukje, een Kübel en enkele dingen om het eten uit de hand een tikje eenvoudiger te maken, zoo’n cel is de woonplaats geweest van duizenden en nog eens duizenden in de jaren die achter ons liggen. (...) Het hooge raam gaf geen uitzicht. De zon scheen alleen maar dan naar binnen, wanneer toevallig voor enkelen aan de goed zijde van zoo’n gebouw de hoek van inval gunstig was. Het eenige waarvan zij wat konden merken was de wind, die blies langs de ruiten, een paar wolken, die langs dreven, een vogel, die overvloog, of een eindeloos diepblauwe lucht, die getuigde van schoonheid en oneindigheid in de natuur, die zo langzamerhand vergeten werd. Acht maanden duurde zijn verblijf in Scheveningen. Daarna het sanatorium in Haaren, een relatief onbezorgde tijd al wachtte de Krijgsraad. Vervolgens de gevangenis in Utrecht met hetzelfde vonnis Ter dood veroordeeld. En dan het transport naar Lüttringhausen in dezelfde groep als Veterman, met handboeien geketend aan een lange ketting. (wordt vervolgd)


Portret getekend door Eduard Veterman (zat in dezelfde gevangenis als huisarts Brouwer) in de strafgevangenis van Lüttringhausen.  


Meindert Brouwer (1907-1981) woonde in Bilthoven en was huisarts. 

Meindert Brouwer (1907-1981) woonde in Bilthoven en was huisarts.
Portret getekend door Eduard Veterman (zat in dezelfde gevangenis als huisarts Brouwer)
in de strafgevangenis van Lüttringhausen.