
Bachs Mattheüs-Passie in teken van verraad
16 april 2025 om 16:00 OverigApplaus voor de gekruisigde Christus, zelfs bloemen: goed bedoeld, maar ik zal er nooit aan wennen. Nog maar een paar decennia geleden keerden publiek en musici volledig aangeslagen huiswaarts na een uitvoering van de Mattheüs-passie van Johann Sebastian Bach – applaus was ondenkbaar na de kruisiging. Tijden zijn veranderd, wát een rijkdom is het om het verhaal van Christus’ liefdesoffer, voor de eelfde keer door het Dudok-ensemble gebracht, te mogen beluisteren.
advertentie
Hoewel Pasen natuurlijk de opstanding, de hoop en een nieuw begin viert, belicht Bachs Mattheüs-passie juist het smerige bedrog, de lage laster en het vreselijke verraad dat eraan voorafging. Het Dudok-ensemble, dat vrijwel uitsluitend uit amateurs bestaat, was afgelopen zondag gedreven en welluidend, vooral in de koralen en in het slotkoor – dan is het koor op zijn best, zingt homogeen en zuiver, met diepe klank. Een zeer knappe prestatie.
Die diepe, gedragen klank ontbreekt soms in de andere koorpassages, waar ademsteun zo nu en dan mist en eigenlijk meer lucht in klank omgezet zou moeten worden – een mooie taak voor de nieuwe dirigent, Patrick Pranger, die van huis uit zanger is en de koorpartijen inderdaad indrukwekkend aangeeft, Voor zijn solisten heeft hij vreemd genoeg weinig aandacht. De Engelse tenor Nathan Vale heeft daar echter geen last van: hij volgt zijn eigen instinct, betrekt het publiek met zijn mimiek en prachtige, grandioze stem volledig bij het verhaal en vult de enorme kerk met passie, spanning en drama. Ook Marijn Zwitserlood is zelfverzekerd en vurig, hoewel hij zich soms net iets te veel laat meeslepen door zijn rol. Tenor Adrian Fernandes zong zijn aria’s subliem en heeft een werkelijk beeldschone stem, maar leek door het gebrek aan interactie met de dirigent niet voluit te durven zingen. Ik miste de krachtige dramatiek van de basstem in rollen als Judas, de Hogepriester en vooral Petrus. Sopraan Alina Godunov zong prima, Alt Nicola Wemyss maakte indruk met haar krachtige en warme stemgeluid. Haar Erbarme dich was schitterend, al liet de begeleiding van de strijkers wat te wensen over.
Pranger liet het openingskoor zeer volumineus spelen door het orkest, met mooie, dramatische gestes, die echter teniet werden gedaan doordat Bachs tergend slepende, stapsgewijs stijgende noten zo snel werden gedirigeerd dat de analogie met de Christus’ lijdensweg, voor Bach toch de kern van diens bestaan, verloren ging. Prangers slag is in de vele aria’s meestal wat ongenuanceerd, waardoor het orkest de zangers al snel overstemde. Pranger liet het koraal ‘Wenn ich einmal soll scheiden’ a capella uitgevoeren en dat was een geweldig idee : de eenzaamheid van Christus’ sterven werd zo prachtig voelbaar. In de passages waarin verraad en de verachting een hoofdrol speelden was Pranger zeer alert en betrokken.
En zo was deze Mattheüs enerzijds te vrijblijvend, ook van opbouw, om werkelijk te ontroeren, maar anderzijds energiek en gedreven genoeg om te blijven boeien. Het Dudok-ensemble heeft Bilthoven een prachtige Mattheüs-traditie geschonken, die we sterk moeten koesteren. (Peter Schlamilch)









